Ons weekendtochtje naar Pumpkin Hill
Met alle vrijwilligers en Aurel, de stationdirector zatermiddag een tocht gemaakt over een deel van het eiland. Utila is vrij vlak (nog geen Nederland), op twee heuvels na. Stuart Hill ligt, vlakbij ons onderzoekssationligt op 50 m hoogte en het hoogste punt van het eiland, Pumpkin Hill op 70m hoogte. Deze laatste heuvel hebben we 'beklommen'. Via een aantal weilanden en een stuk door het bos (secundair bos, want bijna alles is hier wel een keer gekapt) kwamen we uit op het strand. Een mooi rotsig zandstrand met palmbomen, maar ook heel veel aangespoeld afval. Het is trouwens ongelooflijk hoeveel enkele slippers/kapotte schoenen je af en toe komt, zowel op het strand als op paden. Veel mensen verliezen misschien hun slipper als ze door de modder moeten lopen, maar dan nog.
Gelunchd aan het strand in een houten geraamte van een huis dat nooit was afgebouwd (het geld was ineens op, of het huis was misschien toch wat te dicht aan het water op 10 meter afstand). Pumpkin Hill gaat vrij steil omhoog, dus dat was nog even klimmen. Op sommige plekken waren kabels gespannen zodat je je daar makkelijk aan kon optrekken. Was wel prettig want door de regen kan de kleigrond best glad zijn. Het klimmetje was zeer de moeite waard want we werden beloond met een prachtig uitzicht over een groot deel van het eiland en de zee. Zowel het vasteland (32 km afstand), als het grootste eiland van de Bay Islands, Roatan (ook op zo'n 30 km) zijn bij goed weer te zien. Rond de heuvel vlogen veel turkey vultures (kalkoengieren?) af en toe maar op enkele meters afstand. Als het internet mee wil werken (de verbinding is nogal traag) dan zetten we deze week een aantal foto's van het uitzicht erbij.
Nadat we weer naar beneden geglibberd waren, bezochten we in de schemering een grot met vleermuizen. De ingang lag zo'n vier meter boven de grond, maar omdat de rotsen van koraal zijn he je genoeg punten om je aan vast te houden en dat is maar goed ook want anders was Annelies niet eens boven gekomen, laat staan weer naar beneden.
In de grot zelf was ook nog het nodige niveauverschil en ook glad door water. Dolf had zijn grote maclight meegenomen (zo eentje die ze ook hebben in het leger of bij de politie en waar je als je wilt zo iemand z'n hoofd mee kan inslaan) zodat we toe we niet meer verder konden mooi een gat in konden schijnen waar toentallen vleermuizen hingen. Omdat het bijna donker was en ze belicht werden scheerden er soms vleermuizen vlak langs ons hoofd of schampten er tegenaan. Krabben waren we gelukkig niet tegengekomen, want er schijnen hele grote te zitten en het is toch niet zo prettig als je net van een steen af glijd om een schaar van een krab in je achterwerk te hebben hangen. Nadat iedereen weer naar beneden was geklauterd over de verharde weg weer teruggelopen. Er loop 1 verharde weg over het eiland, van het dorp naar het vliegveld (en Utila town is ook geasfalteerd). De rest van de wegen zijn niet verhard. Op zich geen probleem tot het gaat regenen en dan loop je door de bagger, maar het is zo warm hier dat de plassen vrij snel weer verdampen.
Zondag hebben we een beetje uit ons neus gevreten en een boekje gelezen.
Nog wat extra info over het eiland. Omdat er weinig verharde wegen zijn en het maar een klein eiland is zijn er weinig mensen met een auto. Er zijn waarschijnlijk meer crossmotors dan auto's en de meeste mensen gebruiken een golfkarretje om zich te verplaatsen of een quad (zo'n strandracer), of gewoon de benenwagen en mountainbike. Wij kunnen ons verplaatsen per mountainbike omdat het station beschikt over 7 mountainbikes. Das wel makkelijk want het is zo'n 20 minuten lopen naar het dorp (op de terugweg want dan moeten we de heuvel op). Dan wel Hondurese mountainbikes wat inhoud dat het een en ander vrij snel stuk gaat maar je hebt dan ook een mountainbike voor minder dan 100 dollar. Dat is bij veel dingen van lokale makeleladij een probleem. Goedkoop vergeleken Europa, maar wel snel stuk.
De cargo met voedselvoorraden komt 1 keer per week langs. Dat kan bij stormachtig weer dus best wel problematisch zijn. Zo vertelde een vrijwilliger ons dat er op een gegeven moment bijna geen eten meer verkocht werd in de supermarkt en op het eiland zelf wordt alleen voor eigen gebruik geproduceerd door de lokale bevolking. Vandaag hebben we de hand kunnen leggen op de laatste 'Gouda cheese' zodat we kunnen genieten van 'echte' Hollandse kaas, made in Honduras. Smaakt een stuk beter dan de Keniaanse Hollandse kaas. Fruit hebben we nog niet zo heel veel gegeten omdat dat ook wekelijks word aangevoerd en maar een paar dagen in de week verkocht word (behalve dan de bakbananen). Wel al beslag gelegd op een heerlijke ananas die we helaas wat te lang hadden latern rijpen zodat we de helft weer weg konden gooien. Door de wekelijkse aanvoer van levensmiddelen is het altijd weer een verrassing wat je kan kopen en wat op is, maar het noodzakelijke voedsel hebben ze altijd wel.

0 Comments:
Post a Comment
<< Home