Ons tripje naar Guatemala
Een tijdje niets van ons laten horen. Ten eerste waren we een week weg, ten tweede hadden we genoeg te doen na terugkomst en de internetverbinding danwel elektriciteit weigerde ook een aantal dagen mee te werken. Onze eerste reisdag bestond uit bussen en nog meer bussen. We hadden vantevoren besloten om ver twee verschillende routes te reizen heen en terug. Dat hadden we goed bedacht want de route naar de grens van Guatemala was prachtig. Honduras is vrij bergachtig en zeker in het oosten rijd je alleen maar door de bergen. We redden het net tot de grens. We waren de laatste in de bus om 6 uur 's avonds en van de chauffeur moesten we overstappen in een andere bus omdat hij geen zin had om voor ons twee naar de grens te rijden. Dat was niet zo heel gunstig want we hadden nog maar een uur voordat de grens zou sluiten en we werder overgeplaatst in een chickenbus (Amerikaanse schoolbus die overal stopt en goed wordt volgepropt). De school was net uit en dat betekende dat er zo'n 50 schoolkinderen in de bus zaten die allemaal naar huis moesten. Bushaltes heeft de chickenbus niet dus je meld gewoon als je eruit moet wat de consequentie had dat e bus soms om de 50 m moest stoppen. Afijn de grenspost nog net gered, in het donker, dat wel. Niet afgezet want we hoefden niets te betalen voor ons visum en met de taxi naar Escuipulas gereden, de eerste plaats in Guatemala waar je kan overnachten. Toevallig ook het grootste bedevaartsoort van heel Centraal-Amerika met een gigantische kerk en een hoop bedevaartsgangers. Een minder geslaagde nachtrust omdat een aantal mensen het nodig vonden om om 3 uur 's nachts een uitgebreide discussie te beginnen vlak voor ons raam.
De volgende ochtend doorgetuft naar Guatemala City. Guatemala bestaat grotendeels uit berg en het is een stuk droger dan in Honduras (misschien ook omdat ze veel bos gekapt hebben, zo zag het er tenminste uit). Heel veel grote oude cactussen langs sommige stukken van de weg. Voor Guatemala City in de file gestaan. City heeft 3 miljoen inwoners en onze toegangsweg bestond uit een tweebaansweg en op zaterdagmiddag wilde helaas meer mensen de stad in.
Guatemala City is een ontzettend vieze stad om in te lopen. Er rijden heel veel bussen die allemaal zwarte uitlaatgassen uitbraken en wat er aan koloniale gebouwen bestaat is een beetje vergane glorie. Snel naar het vliegveld gegaan om onze tickets te verlengen, want dat zou moeten kunnen volgens de vliegtuigmaatschappij in El Salvador die we al eerder in Utila gebeld hadden (voor 8 euro!!). Op het vliegveld van het kastje naar de muur gestuurd om vervolgens te ontdekken dat je je ticket helmaal niet kon omzetten op het vliegveld maar alleen in het kantoor in het centrum en dat was niet geopend in het weekend... Afijn baal, baal.
Omdat we geen zin hadden om tot maandagochtend in Guatemala City te zitten gelijk maar voor de heftige optie gekozen om door te rijden naar Tikal, een van de beroemdste Maya steden. Dat was wel een busrit van 9 uur met de nachtbus... Slecht idee om de tweede klas bus te nemen want die werd helemaal volgepropt en er zaten ook wat minder vriend3lijk uitziende mensen in (onze zaklamp was spontaan verdwenen na een korte busstop). Op het busstation twee uur gewacht om met de eerste collectivo (de amerikaanse versie van de matatu/personenbusje) naar Tikal te rijden. Daar ingecheckt in een duur hotel (hoe kan het ook anders als je naast het park slaapt) en daar eerst een paar uurtjes geslapen. Daarna een gids genomen en een rondleiding gekregen door Tikal. Tikal is echt prachtig. Als de internetverbinding een keer van goede kwaliteit is mailen we wat foto's. Het ligt midden in het regenwoud en de tempels en pyramides steken ver boven de bomen uit.
Je mag bijna alle tempels nog beklimmen. Aan de ene kant leuk voor het uitzicht, aan de andere kant door de vele toeristen slijten de treden als een gek af. Sommige structuren zijn goed aangetast door de zure regen omdat de steensoort vrij zacht is. Gelukkig hebben ze bij sommige pyramides houten trappen aangelegd, zodat je het gebouw niet vernietigd. Bij zonsondergang op een ttempel getaan met een goed uitzicht over heel Tikal. Echt mooi met de ondergaande zon en de vele papegaaien en toekans die voorbij vliegen. 's Ochtends weer vroeg opgestaan om de zonsopkomst te bekjken vanaf een pyramide, maar daarvoor was het een beetje te mistig. Wel heel mysterieus, de tempels in de mist. Een grote groep spider monkeys gezien die boven ons in de bomen voorbij zwaaide. We hadden nog de hele ochtend om rond te lopen. 's Middags met de bus naar Flores gereisd, de overstap stad voor het noorden van Guatemala. Het hele noorden is allemaal regenwoud en er lopen dan ook weinig wegen door.
Flores is eigenlijk een eiland, maar met een brug verbonden met het vasteland. Een heel klein pittoresk stadje en dat hebben we geweten ook, ineens kwamen we nederlanders tegen bij de vleet. Met een biertje de zonsondergang over het mer bekeken en 's avonds met de eersteklas (!!) nachtbus teruggereden naar Guatemala City zodat we een beetje konden slapen in de bus. Het kostte ons de complete ochtend om ons ticket te verlengen en dat van Aurel (de stationdirector). De Amerikaanse ambassade is overigens een iets mooiere bunker vergeleken dat ding in Den Haag, maar met evenveel beschermingsmaatregelen.
Daarna de bus genomen naar Copan, een andere grote Mayastad maar dan in Honduras, bekend om zijn stelaes (standbeelden). Alweer in de schemering de grens overgestoken en dit keer aardig afgezet. Officieel kost het niets om het land te verlaten of een visum te krijgen maar voor de douane zijn het aardig extra inkomsten om de toeristen geld te laten betalen. Het probleem is dat je er niets tegen kunt doen, want ze kunnen je altijd weigeren en dan zal je een andere grenspost op moeten zoeken en dat is een duur grapje aangezien die er niet zoveel zijn.
Ook Las Ruinas, het stadje vlakbij Coapn was erg leuk, het schijnt dat veel toeristen hier langer blijven plakken dan de bedoeling was.
De hele dag door Copan gelopen, eerst met een gids die een stuk meer te vertellen had dan onze gids in Tikal en later zelf. Copan is meer bekend om zijn stelaes dan om zijn gebouwen die ook wel mooi zijn maar veel minder hoog en een stuk minder indrukeweekend dan in Tikal.
De stelaes zijn goed bewaard gebleven en bij sommige zie je het beeldschrift nog heel duidelijk, net zoals de uitgehouwen koningen.
Archeologen hebben onder een tempel nog een overgebleven tempel gevonden die geheel intact is. Dat is vrij bijzonder omdat Mayas normaal de ene tempel over de ander bouwden en de oude tempel vernietigden. Omdat het musuem gesloten was (komt een nieuw dak op maar had al een half jaar gelden af moeten zijn en is al twee jaar dicht, zucht...), besloten we om de tempel eronder te bekijken. Wel mooi, maar ze hadden er ramen voor geplaatst die vol zaten met condens en helaas niet zo veel ramen zodat je er maar en klein stukje van kon zien. Maar goed, waarschijnlijk hebben we mazzel gehad want het ziet ernaar uit dat dit deel voor toeristen weer gesloten wordt.
Daarna met de bus de boot weer naar ons eilandje teruggekeerd. Genoen bussen gezien voorlopig, we hebben de nodige honderden kilometers afgelegd, maar dat hadden we er graag voor over.
Nu zijn we bezig met het voorbereiden van onze tweede les over het milieu in Honduras en hebben we eindelijk toestemming van de overheid om ons onderzoek uit te voeren en kunnen we de komende maand elke ochtend een transect lopen.

1 Comments:
hoi Dolf en Annelies!! wauwwauwwauw, wat zijn en blijven jullie verhalen toch onzettend gaaf!Ik denk dat er geen betere reclame voor Midden-Amerika en biologie is dan jullie verhalen! geniet er nog van en veel succes met de transecten en lessen! veel liefs
Aniek
ps. ik kom binnenkort zelfs een beetje in de buurt! over 1,5 maand vertrek ik naar Panama om mieren te vangen :)
Post a Comment
<< Home